T&C   Berseba   Brekeldschool 105

Koerskaart 1

We werken en denken vanuit de gemeenschap.

De school is een gemeenschap. Dat betekent dat we een kind niet in de eerste plaats als individu zien, maar als onderdeel van de gemeenschap: het gezin, de woonplaats, de kerk, de groep en de school. We zien meerwaarde in de verschillen die er zijn tussen mensen: gaven worden niet alleen benut voor de eigen ontwikkeling, maar ook ten dienste van de ander.

Samen verantwoordelijk als team

Teamleden staan er niet alleen voor, maar vormen samen een herbergzaam team waarin talenten worden gedeeld en benut (‘collective teacher efficacy’). Binnen dit team is sprake van onderling vertrouwen, mag om hulp gevraagd worden en dragen professionals gezamenlijk verantwoordelijkheid. We houden rekening met verschillen in draagkracht en accepteren dat we niet alles direct kunnen realiseren. Keuzes en prioritering zijn daarbij belangrijk. De directie heeft hierin een belangrijke ondersteunende, stimulerende en richtinggevende rol. Zo benutten we de volledige expertise van het team en versterken we het vertrouwen dat we samen verschil kunnen maken voor kinderen. 

Ouders als essentiële partners

Ouders vormen een essentieel onderdeel van deze gemeenschap. Zij zijn direct betrokken bij het welzijn van hun kind en vormen, naast het kind zelf, het primaire aanspreekpunt. Dit is ook vastgelegd in het hoorrecht: we luisteren naar kinderen en ouders en nemen hun inbreng mee in onze besluitvorming.

Tegelijk verwachten wij van ouders dat zij actief meedenken en meewerken in het belang van hun kind, open communiceren en informatie delen die van belang is voor de ontwikkeling van hun kind. Daarbij gaan we uit van wederzijds vertrouwen en respect voor ieders rol, verantwoordelijkheid en positie, en van een constructieve samenwerking gericht op het vinden van passende oplossingen. 

Verbondenheid

De gemeenschap reikt verder dan de afzonderlijke school. Als reformatorisch samenwerkingsverband weten we ons onderling verbonden in een gedeelde opdracht en identiteit. Scholen vormen een bredere gemeenschap waarin we verantwoordelijkheid dragen voor alle leerlingen die reformatorisch onderwijs volgen. Dit maakt dat scholen elkaar ondersteunen en, waar nodig, taken kunnen overnemen wanneer de grenzen van een individuele school bereikt zijn. Schoolbesturen en scholen leren van elkaar, delen expertise en werken samen aan passende oplossingen, bijvoorbeeld plaatsing op een andere reguliere school. 

Ondersteuning in de context

We werken ernaartoe dat ondersteuning waar mogelijk binnen de context van de leerling wordt geboden door het onderwijs aan te passen in plaats van het kind te verplaatsen. Ondersteuningsvragen worden daarbij zoveel mogelijk gezamenlijk opgepakt binnen de dagelijkse onderwijspraktijk, in afstemming met ouders en het team.  

Samenwerking met gemeenten en andere partners

Het onderwijs kan dit niet alleen: samenwerking met partners is essentieel. Om een doorgaande lijn voor leerlingen te creëren, is regelmatige afstemming nodig met:

  • Gemeenten; zij spelen een belangrijke rol in het organiseren van jeugdhulp, onderwijshuisvesting, leerlingenvervoer, leerplicht en de verbinding tussen onderwijs en het sociaal domein. Daarnaast wordt er samengewerkt met kerken, de buurt en het bedrijfsleven.
  • Voorschoolse voorzieningen (onderinstroom). Deze samenwerking is gericht op vroeg signalering, een zorgvuldige overdracht en het realiseren van een doorgaande ontwikkellijn richting het primair onderwijs.
  • Andere regionale samenwerkingsverbanden omdat de ondersteuning van leerlingen niet stopt bij de grenzen van één samenwerkingsverband. Leerlingen, expertise en voorzieningen bewegen namelijk tussen regio’s en onderwijssoorten.
  • Met het reformatorisch samenwerkingsverband voor voortgezet onderwijs (RefSVO). De samenwerking zal de komende periode verder worden versterkt met als doel om de overgang voor leerlingen zo soepel en passend mogelijk te laten verlopen.
  • Cluster 1- en 2-onderwijs, gericht op het beschikbaar maken van specialistische expertise, het realiseren van passende ondersteuning voor leerlingen met een visuele, auditieve of communicatieve beperking en het versterken van de deskundigheid binnen scholen.

Doelen

In 2031:

  • Zijn scholen herkenbaar als herbergzame gemeenschappen waarin kinderen, leerkrachten en ouders zich welkom en gezien weten. Leerkrachten werken en leren samen, geven elkaar feedback en nemen gezamenlijk verantwoordelijkheid voor de pedagogische en didactische kwaliteit.
  • Werken ouders en school vanuit wederzijds vertrouwen, ieder vanuit hun eigen rol, aan de ontwikkeling van het kind. Daarbij is sprake van een open en constructieve communicatie met elkaar.
  • Werken scholen systemisch samen met partners rondom de leerling en de school, waarbij gezin, kerken, gemeenten, jeugdhulp, voortgezet onderwijs en voorschoolse voorzieningen als één samenhangend netwerk worden betrokken. Deze samenwerking is vanzelfsprekend en gericht op één geïntegreerde aanpak rond de ontwikkeling van het kind.
  • Dragen reformatorische scholen gezamenlijk verantwoordelijkheid voor alle leerlingen en werken samen om iedere leerling binnen het reformatorisch onderwijs een passende plek en ondersteuning te bieden, ook wanneer de mogelijkheden van een individuele school niet meer toereikend zijn.